Uitstoot van broeikasgassen hoofdoorzaak van zeespiegelstijging sinds 1970

/ April 12, 2016/ Ice and Climate, IMAU

De huidige zeespiegelstijging is de snelste in de afgelopen 3000 jaar. Nieuw onderzoek laat zien dat de invloed van de mens op het klimaat de hoofdreden is voor zeespiegelstijging sinds 1970. De verwachting is dat de zeespiegel blijft stijgen in een opwarmend klimaat. Eerste auteur dr. Aimée Slangen van de Universiteit Utrecht publiceert hierover in Nature Climate Change. Het onderzoek is gefinancierd door het Nederlands Polair Programma.

Het artikel in Nature Climate Change laat zien dat het grootste deel van de waargenomen zeespiegelstijging vanaf het eind van de 20e eeuw veroorzaakt wordt door de menselijke invloed op het klimaat. De onderzoekers kwamen tot deze conclusie nadat ze de gemeten mondiaal gemiddelde zeespiegelstijging vergeleken met schattingen gemaakt door klimaatmodellen. Wetenschappers vermoedden wel al dat de uitstoot door de mens van broeikasgassen verantwoordelijk is voor de zeespiegelstijging maar dit onderzoek toont dat nu definitief aan.

Het artikel laat zien dat de drijvende kracht achter zeespiegelverandering is veranderd in de loop van de 20e eeuw van natuurlijk naar menselijk. Menselijk handelen is nu de dominante oorzaak van de waargenomen veranderingen, en dit zal waarschijnlijk zo blijven zolang de uitstoot van broeikasgassen niet beperkt wordt.

Natuurlijke versus menselijke invloed

De zeespiegel stijgt voornamelijk door uitzetting van het water als gevolg van de toegenomen water en door het smelten van ijs. De invloed van menselijk handelen (door uitstoot van broeikasgassen en aerosolen) is in het begin van de 20e eeuw maar klein, slechts 15 procent. Maar het menselijk handelen verklaart het merendeel, bijna 70 procent, van de waargenomen zeespiegelstijging sinds 1970. Interne klimaatvariabiliteit en natuurlijke invloeden zoals vulkaanuitbarstingen beïnvloeden weliswaar de zeespiegel op jaarbasis, maar over de 20e eeuw als geheel is deze invloed zeer klein.

De vertraagde reactie van de gletsjers en ijskappen op de opwarming na afloop van de Kleine IJstijd (1300-1870) verklaart veel van de waargenomen zeespiegelveranderingen voor 1950 (bijna 70 procent), maar veel minder na 1970 (minder dan 10 procent).

Wanneer alle bekende invloeden (menselijk en natuurlijk) worden meegenomen verklaren de klimaatmodellen ongeveer driekwart van de waargenomen veranderingen vanaf 1900 en bijna 90 procent vanaf 1970. De redenen voor deze verschillen kunnen zowel in de modellen (onderschatting van bijvoorbeeld de ijskapbijdrage) als in de waarnemingen liggen (mindere kwaliteit vóór 1970).

Publication in Nature Climate Change

Bron: Nieuws Universiteit Utrecht